Daily life with Complex Regional Painsyndrome CRPS











{September 11, 2012}   Leuk voor de mensen thuis!

De EO neemt ons mee voor een dagje Artis. Dit is onze 2e poging, omdat we het erg leuk vinden en graag willen! De EO is ook heel gezellig en samen maken we wat moois. Er komt nogal wat organisatie bij kijken en dat is precies de reden, waarom de EO ons mede meeneemt, aan de hand en in een rolstoel. Leuk voor de kijkers thuis. Met een hoofdsteun en een rolstoelmeneer, die de rolstoel af komt stellen. We kijken naar de grond. Geen asfalt, wel tegels. Oude keien, schots en scheef, of netjes in een rijtje. Ik kijk naar de rolstoelmeneer, maar die is gevlogen en heeft de rolstoel hier gelaten. Ik kan nog terug, wil ik zeggen, maar ik kan helemaal niet terug. Mijn huis is te ver en mijn benen doen teveel pijn. De zon brandt dwars door mijn huid en ik sta op blote, gloeiende voeten voor de poort van Artis, met mijn schoenen in de hand. Ik kan de rolstoel wel in, zolang de rolstoel stilstaat. Dat komt mooi uit, want stilstaan willen mijn benen niet. De keien laten de rolstoel trillen en trillingen zijn funest. De EO wilt de trillingen zien. Ik zie een Baviaan.
Terug in het hotel is er een fantastische kamer geregeld op de begane grond, geen trap gaan we beklimmen, geen trillingen van de lift hoeven we te doorstaan. Zelfs het tapijt hebben ze voor ons dagje uit eruit gehaald. Ik moet het bed op. Het bed is verhoogd met een trap van 14 treden, maar de kamer is wel op de begane grond, precies zoals u had gevraagd. Er is maar een klein drempeltje tot de trap.
Terug bij de receptie, wordt er gekeken of er een andere kamer mogelijk is. Het is een moeilijk probleem, vindt de receptionist. Als er geen kamer is, die voldoet aan alle standaard voorwaarden, dan moet ik terug, naar huis, of naar Artis. In de armen van de grote Gorilla slapen. Ik kan niet terug, naar huis. Ik kan ook niet naar de nieuwe kamer vier gangen hier vandaan. Ik kan mijn voet niet meer neerzetten en mijn linkerbeen wilt mijn gewicht niet meer dragen. Er wordt gekeken of er een rolstoel is, maar er komt geen rolstoel terug. De rolstoel bleef in Artis, waar de rolstoelmeneer de rolstoel weer kwam ophalen. Terug naar het rolstoelenhuis. Ik kijk manlief aan, maar manlief kijkt weg. Dragen is geen optie. Dragen trilt. De onderkant van mijn voet staat in vuur en vlam en mijn knieën zijn een schrale pepermolen geworden. Ze draaien tegen elkaar in. Ik ga niet huilen op een leuk dagje uit, zeker niet met de camera op mijn hoofd. Ik klim net als de aap in Artis, op de rug van manlief, maar na vijf stappen kom ik ervan terug. Ik zoek met mijn voet de houten vloer aan de zijkant, naast het tapijt. Ik zie het bed, zonder treden, gewoon een bed. Het bed waar die avond mijn benen zullen breken, mijn tenen zullen verkrampen en mijn huid zal verbranden. Manlief zal het filmen. Leuk voor de kijkers thuis. Deze nacht zal ik horen tikken, de klok zal elk uur naar mij kijken. Een drilboor in mijn hoofd en de volgende ochtend onder ons raam. Een dagje uit. Misschien tot volgend jaar, dag Artis en dankjewel EO voor alle fijne momenten!

Advertisements


et cetera