Daily life with Complex Regional Painsyndrome CRPS











{April 24, 2015}   BAM!

images

Vroeger was ik een dansende actrice. Nu niet meer. Nu ben ik Gaby. En heb ik toevallig CRPS-1. Niet uit keus, maar…, noem het pech. Iedereen kan dit krijgen. Van peuter tot bejaarde, man en vrouw, sportief en ongezond. 80% kan er vanaf komen, mits de diagnose snel is gesteld en de behandelingen goed worden ingezet. Ik behoor niet tot de 80%.

Geen kip
Ik ben uitbehandeld en dat heb ik geaccepteerd. Ik probeer door te gaan met mijn leven, dagelijks te genieten ondanks alles en net als elke dertiger, bezig te zijn met dertigers zaken. Dat lukt, ook al kan er heel veel ook niet. Maar ik kijk liever naar wat wel kan. Waar de weg vrij gemaakt kan worden. En die weg, die was vrij. Dus ik stak over. Geen kip te zien. Ja, ver weg bij het kruispunt waren fietsers, maar dat was echt ver weg. Die ene meter oversteken op het fietspad, was geen enkel probleem. Totdat ik met mijn CRPS handen de ergonomische kinderwagen niet in 1 keer de stoep op kreeg. Tegen de stoep i.p.v. erop. Bam! En nog een bam. In mijn rug. Een wielrenner die ongelofelijk hard mijn rug in reed. Hoe hard gaan die wielrenners eigenlijk in Amsterdam?

Toetaaatoetaa
Als dertiger met een kindje, sprong ik bijna op mijn dreumes om haar te redden. Dat lukte, maar toen sloeg de pijn in. Bam. Ik val neer. Ik roep dat ik pijn
patiënt ben, want de letters CRPS zeggen zo weinig bij velen. Ik roep dat ik niet op kan staan. De bakker komt met drie vrouw naar buiten gerend. Wat een lieve bakker. “Mijn kind!” roep ik. Aviya wordt opgepakt uit de ergonomische kinderwagen, maar ze blijft huilen, want ze wil niet worden opgepakt door een vreemde. Ik wil ook niet worden opgepakt door een vreemde. Toch dragen handen mij op een geïmproviseerde stoel van een kratje. Wat aardig. De ambulance wordt gebeld. Ik denk nog, laat maar, ik kan toch niet in een voertuig rijden, maar misschien is het geen overbodige luxe om wat EHBO ter plekke te hebben. Ik bel mijn man. Met spoed. Ik app met trillende handen mijn fysio af. Aviya krijgt een krentenbol. Ik een flesje water. ‘Toetaaatoetaa’, roept mijn dreumes. De ambulance rijdt ons voorbij. Alsof ik dagelijks op een krat midden op de stoep zit met een menigte om mij heen. Mijn mascara zit overal, behalve op mijn wimpers. Ik probeer mijn been op te tillen, maar besluit na een poging, dat het beter is alleen Aviya op mijn schoot te hebben en geen oefeningen te doen. De ambulance komt weer terug. Wat een aardige man. Ik bibber van de kou en mag in de ambulance zitten i.p.v. buiten op het houten krat. De motor staat uit, zodat ik er ook in kan zitten. Aviya drukt wild op alle knoppen die ze ziet. Wat een topochtend, eerst een krentenbol van de bakker, toen in de ambulance en papa komt er ook nog aan!

Ei
Het ziekenhuis is een station te ver, ik moet er immers naartoe lopen en dat gaat niet. De huisarts maakt wel meteen plek vrij. Ze drukt op wervels die pijn doen, maar ik sta. En ik loop. Wat een geluk! Aviya is ongedeerd en ik kan nog lopen. De pijn van de afgelopen twee weken is hysterisch in de avond. Liggen gaat niet, maar slapen moet toch. De originele val valt wel mee, althans, die voel ik niet, ook al ben ik blauw van buiten en van binnen. De verkeerde kleur voor Koningsdag en het ei op mijn rug, is ook mosterd na de maaltijd, zo net na Pasen.

De koning
De CRPS die erin zit, in
mijn bekken en knieën en rug, die is over de top. Zal dit ooit nog weggaan? De tijd zal het leren. Ondertussen focus ik mij, net als andere dertigers, gewoon op waar dertigers mee bezig zijn. Voor nu is dat hopelijk iets mee krijgen van de sfeer van aankomend Koningsdag. Genoeg te vieren naast de koning, want ik loop nog!

images93SW026D

Advertisements


et cetera